Woordvorming: voorvoegsels en achtervoegsels

B2 Word formation: prefixes & suffixes 47 / 50

In het kort

Een voorvoegsel komt vóór een woord en verandert meestal de betekenis (happy -> unhappy); een achtervoegsel komt na een woord en verandert meestal de woordsoort (happy -> happiness -> happily). Het is een systeem dat je kunt leren, geen willekeurige lijst — en dat is precies wat de FCE/CAE Use of English-woordvormingsopdracht test.

De regel

Begin bij een basiswoord en bouw er een woordfamilie omheen door delen toe te voegen:

  • Voorvoegsel = betekenisverandering, dezelfde woordsoort: do -> redo, legal -> illegal.
  • Achtervoegsel = vaak een nieuwe woordsoort: werkwoord -> zelfstandig naamwoord (decide -> decision), bijvoeglijk naamwoord -> bijwoord (quick -> quickly).

De meeste B2-fouten komen doordat de verkeerde woordsoort voor de open plek gekozen wordt. Lees de zin: is een zelfstandig naamwoord, een werkwoord, een bijvoeglijk naamwoord of een bijwoord nodig? Kies dan het achtervoegsel dat die woordsoort oplevert. Let op de paar families die het nieuwe woord bouwen op een verwant woord van de basis in plaats van op de basis zelf: strong -> strength -> strengthen, nooit strongen.

Ontkennende voorvoegsels maken een tegenstelling. Welk voorvoegsel je gebruikt, moet je meestal gewoon leren, maar de spelling volgt de klank van de volgende letter:

VoorvoegselNeiging/betekenisVoorbeeld
un-heel gebruikelijk, „niet”happy -> unhappy, lock -> unlock
in-„niet” (standaard)correct -> incorrect, visible -> invisible
im-vóór p, b, mpossible -> impossible, mature -> immature
il-vóór llegal -> illegal, logical -> illogical
ir-vóór rregular -> irregular, responsible -> irresponsible
dis-„niet”/omkeringagree -> disagree, appear -> disappear
non-„geen”, meestal met koppeltekennon-smoker, non-fiction
mis-„verkeerd/slecht”understand -> misunderstand, spell -> misspell

Merk op dat im-, il-, ir- gewoon in- zijn, aangepast aan de volgende klank.

Andere nuttige voorvoegsels:

VoorvoegselBetekenisVoorbeeld
re-opnieuw/terugrewrite, reopen, return
over-te veelovercook, oversleep, overpriced
under-te weinigundercook, underpaid, underestimate
pre-vóórpreview, preheat, prewar
post-napost-war, postgraduate
anti-tegenantivirus, anti-social
ex-voormalig (met koppelteken)ex-wife, ex-president

Vormen en patronen

Zelfstandignaamwoordachtervoegsels (vaak van werkwoorden of bijvoeglijke naamwoorden):

AchtervoegselVanVoorbeeld
-tion / -sionwerkwoordeducate -> education, decide -> decision
-mentwerkwoordagree -> agreement, develop -> development
-nessbijvoeglijk naamwoorddark -> darkness, happy -> happiness
-itybijvoeglijk naamwoordable -> ability, real -> reality
-er / -or / -istpersoon die het doetteach -> teacher, act -> actor, science -> scientist
-shiptoestand/relatiefriend -> friendship, member -> membership
-hoodtoestand/periodechild -> childhood, neighbour -> neighbourhood; van een bijvoeglijk naamwoord: likely -> likelihood (niet likelyhood)
-ance / -encewerkwoord/bijvoeglijk naamwoordperform -> performance, different -> difference

Achtervoegsels voor bijvoeglijke naamwoorden:

AchtervoegselBetekenisVoorbeeld
-fulvolcare -> careful, use -> useful
-lesszondercare -> careless, home -> homeless
-able / -iblekan …-ed wordenenjoy -> enjoyable, reverse -> reversible
-ousheeft de eigenschapdanger -> dangerous, fame -> famous
-ivegeneigd totcreate -> creative, attract -> attractive
-al / -icalgerelateerd aannature -> natural, history -> historical
-yvolsun -> sunny, cloud -> cloudy

Achtervoegsels voor werkwoorden:

AchtervoegselBetekenisVoorbeeld
-ise / -izemaken/wordenmodern -> modernise, real -> realise
-enmeer maken (bij korte bijvoeglijke naamwoorden)wide -> widen, short -> shorten; via het zelfstandig naamwoord: strong -> strengthen, long -> lengthen
-ifymakensimple -> simplify, pure -> purify

Bijwoorden: voeg -ly toe aan het bijvoeglijk naamwoord: quick -> quickly, careful -> carefully. Spelling: happy -> happily (y -> i), gentle -> gently (laat -e weg), true -> truly; bijvoeglijke naamwoorden op -ic nemen -ally: basic -> basically.

Woordfamilies — leer de hele groep samen, niet losse woorden:

BasisZelfstandig naamwoordBijvoeglijk naamwoordBijwoord
happyhappinesshappy / unhappyhappily
decidedecisiondecisive / indecisivedecisively
carecare / carercareful / carelesscarefully
photographphotography / photographerphotographicphotographically

De klemtoon kan verschuiven als je een achtervoegsel toevoegt, dus luister ook, niet alleen spellen:

  • PHO-to-graph -> pho-TOG-ra-phy -> pho-to-GRAPH-ic
  • Uitgangen als -ity, -ion, -ic, -ical trekken de klemtoon meestal naar de lettergreep er vlak vóór: PUB-lic -> pub-LI-ci-ty, e-CON-o-my -> e-co-NOM-ic.

Voorbeelden

EnglishOpmerking
The instructions were unclear, so nobody knew what to do.un- = „niet”; tegenovergestelde van clear.
It’s impossible to finish all this by Friday.im- vóór p (niet unpossible).
Parking here is illegal after six o’clock.il- vóór l.
I completely disagree with that decision.dis- keert agree om.
Sorry, I misread your message.mis- = „verkeerd”.
Her kindness surprised everyone in the office.-ness maakt van het bijvoeglijk naamwoord kind een zelfstandig naamwoord.
They came up with a very creative solution.-ive maakt het bijvoeglijk naamwoord van create.
He answered every question nervously.-ly maakt het bijwoord (hoe hij antwoordde).

Veelgemaakte fouten

  • unpossible -> impossible — gebruik im- vóór p, b, m.
  • He is a very success person. -> …a very successful person. — de open plek vraagt om een bijvoeglijk naamwoord, dus voeg -ful toe.
  • She speaks English very careful. -> …very carefully. — het beschrijven van een werkwoord vraagt om het bijwoord -ly.
  • His behaviour was unresponsible. -> …was irresponsible. — gebruik ir- vóór r.
  • We made a beautifull, carefull plan. -> …a beautiful, careful plan. — -ful heeft één l (twee l’s alleen als je -ly toevoegt: carefully).

Tips

  • Bepaal eerst de woordsoort. Het woord met de open plek in een Use of English-opdracht heeft bijna altijd een andere woordsoort dan het woord tussen haakjes.
  • Het ontkennende voorvoegsel ligt meestal vast per woord — twijfel je, dan houdt de spellingregel (im-/il-/ir- vóór p,b,m / l / r, in- in de rest) in ieder geval de vorm goed.
  • Leer woorden in families (decide -> decision -> decisive -> indecisive -> decisively); één basiswoord levert je vaak vier of vijf examenantwoorden op.
  • Let op de klemtoonverschuiving bij uitgangen op -ity, -ion, -ic — de betekenis is misschien duidelijk, maar de uitspraak verschuift.